Man had weer eens een tafeltennistoernooi. Het NK veteranen in Schiedam dit keer. We waren daar wel vaker. Alleen zaten vanwege de marathon van Rotterdam de meeste budgetovernachtingsmogelijkheden vol, dus boekte man wat in Rijswijk. Kwartiertje met de auto naar Schiedam, moet te doen zijn.
Omdat we eerst nog even bij zijn eigen team gingen kijken (ze kunnen kampioen worden!), kwamen we niet erg op tijd aan in Rijswijk, mede door druk verkeer onderweg. Toen we eindelijk ons hotel bereikten, bleek onze kamer al vergeven te zijn. Dubbelboeking. Man had via hotelspecials geboekt. Het stel dat vlak na ons binnenkwamen ook. Ook hun kamer was dubbel geboekt en ook zij hadden dus geen slaapplek. Geen reclame voor hotelspecials, zoveel is zeker.
Maar wat dan. Terwijl man en andere man stonden te mopperen tegen de baliemedewerker (arme man) ging ik maar eens kijken wat er nog voor mogelijkheden waren. Zo kwam ik bij een (duurder uiteraard) hotel in Den Haag uit. Ik zocht in die richting, omdat ik van plan was naar het Kunstmuseum te gaan, terwijl man zich uitsloofde achter de tafeltennistafel. Vanuit het hotel in Rijswijk is er een rechtstreekse verbinding naar het Kunstmuseum, dus ik had me daar echt op verheugd. Het andere stel boekte een hotel in Rotterdam, aangezien zij daar de volgende dag moesten zijn voor de marathon.
Gelukkig had het Leonardo Hotel in Den Haag nog een kamer vrij. We werden daar zeer warm welkom geheten, er werd met ons meegeleefd, we kregen een luxere kamer én een gratis drankje aan de bar. Toen we later in het restaurant zaten te eten, geen zin meer om nog wat te zoeken, bleek dat het personeel niet alleen aardig tegen gasten is, maar ook lol hebben onderling. Dat zie ik altijd graag. Het geeft een extra prettig gevoel bij je overnachtingsplek als je ziet dat de mensen die aan het werk zijn, grapjes maken onderling.
Zondags was het druk in en vooral ook vóór het hotel. Er bleek een stembureau voor Hongaren in Nederland te zijn. De hele parkeerplaats stond vol met wachtende mensen. Bijzonder wel.
Nadat man vertrokken was naar de sporthal, maakte ik me klaar om naar het museum te gaan. Dat was op een kwartier lopen van het hotel. Luxe! Ik heb er genoten van diverse tentoonstellingen, maar na zo'n twee uur had ik het toch wel gehad. Na een (ook luxe) lunch, vertrok ik richting Den Haag CS, om ook naar Schiedam te gaan. Dan kon ik terugrijden naar Den Haag en kon man een biertje drinken.
Welgemoed ging ik op pad. Volgens Google maps is het zo'n vijfenveertig minuten lopen van het museum naar het station en ik besloot dat maar te proberen. Waarschijnlijk zou de route toch langs de OV-routes gaan, dus wanneer het niet meer lukte, kon ik zo op bus of tram stappen. Dat viel tegen.
Het begon er al mee dat ik een leuk parkje zag, waarvan het pad ongeveer in dezelfde richting ging als mijn route. Een parkje is natuurlijk altijd leuker dan de brede drukke weg, dus sloeg ik af. Helaas bleek het pad uiteindelijk terug te lopen en aangezien er water lag in de richting die ik wél op moest, kon ik ook niet even tussendoor. Zo kwam ik uiteindelijk wel in een mooie straat met ambassades terecht. Een rustige straat.
Toen ik deze door was, kwam ik weer op de route en ging het eigenlijk wel goed. Ik kwam langs twee minibiebs, wat de tas in elk geval wat lichter maakte, zag het Paleis Noordeinde, twijfelde of ik Panorama Mesdag nou zou gaan bekijken (nee) en kwam echt bekaf bij het Den Haag CS aan. Anderhalf uur deed ik erover. Iets langer dan de drie kwartier van Google. En dat na twee uur rondslenteren in het museum.
Eenmaal onderweg ging de reis voorspoedig, hoewel ik net één minuut te laat op CS was om de rechtstreekse sprinter naar Schiedam te halen. Bij de sporthal aangekomen, bleek man nog een wedstrijd te moeten en als hij deze won nog één. Gelukkig had hij nog geen biertje gehad, wat mijn lijf deed teveel pijn om nog terug te rijden. Dat was voor man geen probleem. Helaas voor hem verloor hij die ene wedstrijd nog en al snel konden we terug naar Den Haag.
Eenmaal in het hotel waren we natuurlijk toe aan eten. Niet al te ver van het hotel, want dat ging ik niet meer redden. Gelukkig was er een goed aangeschreven Pizzeria op achthonderd meter. Helaas was deze vol. En de volgende ook. Zo liepen we toch nog twee kilometer naar een restaurantje, waar we overigens heel lekker aten, maar toen was de pijp wel leeg.
Maandag deed het hele lijf zeer en aangezien het toch niet zonnig was, besloten we het strand over te slaan en direct naar huis te rijden. Daar ben ik op de bank gaan zitten en heb verder weinig meer gedaan, maar keek wel terug op een heerlijk weekend.
Over wat ik zag in het museum wil ik eigenlijk een aparte blog maken. Al die foto's moeten uitgezocht, welke wel en welke niet (in elk geval de naakten niet waarschijnlijk), dus hopelijk volgt dat deze week. Nu kijken we weer uit naar het volgende tafeltennistoernooi op Sardinië. Die sport brengt ons nog eens ergens.

Geen opmerkingen:
Een reactie posten